Veelgestelde vragen

1. Ik wil een verzoek voor een optieverklaring op grond van openbare orde problemen weigeren? Zijn er hiervoor voorbeeldbrieven?
2. Twee gepartnerde Nederlanders willen trouwen in de VSA. Kan dat huwelijk geregistreerd worden in de BRP?
3. Mag een gepartnerde man erkennen?
4. Mag een onder curatele gestelde als getuige optreden bij een huwelijk?
5. Is de adoulaire akte van een “khoel” (verstoting tegen compensatie) voldoende?
6. Een Nederlandse vrouw is islamitisch gehuwd in Egypte. Het is het tweede huwelijk van haar echtgenoot, dus bigaam. Kan dit worden geregistreerd? 
7. Kan een 'traditioneel' huwelijk zoals vermeld in het verslag van Eerste en Nader gehoor van de IND, worden geregistreerd in de BRP o.g.v. een VOE?
8. Een man van onbekende nationaliteit wil erkennen. Welk recht pas je toe?
9. Een Nederlands/Turkse vrouw is in Turkije gescheiden. Haar meisjesnaam blijkt niet uit vonnis. Kan het gewijzigd worden in de BRP?
10. Nederlandse vrouw, 17 jaar, is zwanger van haar Nederlandse, 17- jarige, vriend. Mag hij erkennen? Hoe zit het met het gezag? Heeft een meerderjarigheidsverklaring zin?
11. Normaal gesproken komt er in het vluchtelingenpaspoort een "uitsluitings"clausule te staan. Wat als betrokkene nu van onbekende nationaliteit is ( zoals de meeste vluchtelingen )? Komt er dan geen clausule in te staan zodat betrokkene naar alle landen mag reizen, dus ook het land waaruit hij gevlucht is?
12. Wanneer heb je voor registratie van een buitenlands huwelijk geen M46 nodig?
13. Een Nederlands-Israelisch kind, geboren in Nederland. Bij de eerste inschrijving wordt een Israëlisch paspoort met nieuwe naam overgelegd. Met welke naam wordt het kind geregistreerd?
14. Een Portugese, ongehuwde moeder krijgt hier een kind en is, zolang niet geregistreerd bij het Portugese Consulaat, staatloos. De Nederlands/Portugese gehuwde man erkent het kind bij het Portugees Consulaat. Wat gebeurt er met de wijziging van de naam, nationaliteit en afstamming.
15. Een huwelijk is in 1998 in Duitsland gesloten. Het is in 1998 geregistreerd in de GBA. Nederlandse vrouw komt nu met document om met huwelijksnaam geregistreerd te worden. Kan dat alsnog?
16. Wat is het verschil tussen “Onbekende nationaliteit” en “staatloos”?
17. Op Belgische huwelijksakte staat vermeld als kantmelding dat op 12 januari 2014 is overgeschreven het beschikkend gedeelte van een vonnis in kracht van gewijsde gegaan op 23 december 2013 de echtscheiding van betrokkenen. De vraag is per welke datum is dit huwelijk officieel ontbonden?
18. Welke printers zijn goedgekeurd voor het printen van akten van de burgerlijke stand?
19. Zijn er landen, naast Nederland die een vorm van 'geregistreerd partnerschap' kennen?
20. Kan een in het buitenland geboren kind ook Nederlander zijn op grond van artikel 3, lid 3, van de Rijkswet op het Nederlanderschap (RWN)?
21. Aanvulling geboortedatum o.g.v. Marokkaanse Copie Integrale toegestaan (00-00-1959 wordt 01-02-1959)?
22. Mag een man gehuwd met een man, een kind erkennen?
23. Wat te doen bij aanvraag gegevens uit de BRP door een gerechtsdeurwaarder?
24. Een vreemdeling wil als staatloos in de BRP geregistreerd worden. Hij staat nu met de nationaliteit onbekend geregistreerd. Hoe kan ik dit bepalen?

 

1. Ik wil een verzoek voor een optieverklaring op grond van openbare orde problemen weigeren? Zijn er hiervoor voorbeeldbrieven?

De Kenniscentra van Amsterdam en Rotterdam hebben voor u een aantal standaardbrieven beschikbaar gesteld voor de verschillende beslissingen bij de optieprocedure. Het zijn twee pakketjes: 

Zowel Rotterdam als Amsterdam hebben goede redenen voor hun verschillende werkwijzen. Voor beide is wat te zeggen en daarom stellen wij beide pakketten beschikbaar. Elke gemeente kan dan kiezen waar zijn voorkeur naar uit gaat of ze gebruiken als basis voor de eigen procedures. 

Rotterdam kiest ervoor de eerste brief, waarbij het voornemen tot weigering van de bevestiging van de verkrijging van het Nederlanderschap aan de burger bekend wordt gemaakt, zo uitgebreid mogelijk te maken. Rotterdam is van mening dat de burger direct op de hoogte behoort te worden gesteld van het geldende beleid en de redenen die ten grondslag liggen aan het voornemen van de weigering. Daarnaast wil men bij de weigeringsbrief niet in herhaling vallen en voorkomen dat bij de weigering weer alle veroordelingen moeten worden opgenomen. Door de eerste brief in kopie mee te sturen met de weigering kan in de weigeringsbrief verwezen worden naar de voornemenbrief. 

Amsterdam kiest ervoor de zienswijze brief kort te houden. Het is de bedoeling dat de burger reageert op de strafbare feiten die uit het onderzoek naar voren zijn gekomen. Door een lange brief is het de burger misschien niet duidelijk waarop hij mag reageren. De weigeringsbrief zou naar de mening van Amsterdam volledig behoren te zijn, omdat deze brief ten grondslag ligt aan eventuele procedures. 

Daarnaast werkt men in Amsterdam met een bijlage, waarin alle mogelijke omschrijvingen van strafbare feiten worden vermeld en de daarbij behorende motiveringen. Het leek Amsterdam overzichtelijker om met een bijlage te werken dan alle mogelijke zinnen in de standaard brieven op te nemen. 

In het ‘pakket Amsterdam’ vindt u ook twee standaardbrieven die bedoeld zijn voor het geval de kinderen van 16 jaar en ouder, die willen meeliften in de optieprocedure, een openbare orde probleem hebben.

2. Twee gepartnerde Nederlanders willen trouwen in de VSA. Kan dat huwelijk geregistreerd worden in de BRP?
Ja. De Commissie van Advies heeft op 7 oktober 2014 besloten dat dit gezien kan worden als een omzetting van het partnerschap in een huwelijk.

3. Mag een gepartnerde man erkennen?
Ja, Tot 1 april 2014 was een erkenning door een gehuwde man naar Nederlands recht nietig, als de rechter daarvoor niet vooraf toestemming had gegeven. Sindsdien is erkenning onder gelijke voorwaarden toegestaan aan elke man of vrouw. De burgerlijke staat is niet meer van belang.

Let op! Erkenning van het kind dat uit de geregistreerde partner van deze man wordt geboren is niet mogelijk. Hij wordt immers al van rechtswege vader van dat kind.

4. Mag een onder curatele gestelde als getuige optreden bij een huwelijk
Ja, dat mag. Artikel 32 Boek I BW spreekt over meerderjarigheid. Getuigen bij een huwelijk is geen rechtshandeling.

 5. Is de adoulaire akte van een “khoel” (verstoting tegen compensatie) voldoende?
Nee, een qarar (uitspraak door de familierechter) is nodig. Zie B&R 2005, blz. 341.

6. Een Nederlandse vrouw is islamitisch gehuwd in Egypte. Het is het tweede huwelijk van haar echtgenoot, dus bigaam. Kan dit worden geregistreerd?
Nee, Op grond van de Wet Tegengaan Huwelijksdwang (m.i.v. 5-12-2015) kan dit huwelijk niet worden erkend.

7. Kan een 'traditioneel' huwelijk zoals vermeld in het verslag van Eerste en Nader gehoor van de IND, worden geregistreerd in de BRP o.g.v. een VOE?
Vaak wel. Natuurlijk zal eerst onderzocht moeten worden of het huwelijk rechtsgeldig tot stand gekomen is. In Islamitische landen bijvoordbeeld, komt een huwelijk vrijwel altijd ‘traditioneel’ tot stand. Meestal is er wel een plicht tot registratie van het huwelijk. Maar het huwelijk is zelden nietig als dit achterwege blijft.

8. Een man van onbekende nationaliteit wil erkennen. Welk recht pas je toe?
Het recht van de vermoedelijke nationaliteit. Als de erkenner volgens het eigen recht niet kan erkennen, kan er aanknoping worden gezocht bij het recht van de verblijfplaats van het kind (art. 95, 1e lid Boek 10 BW).

9. Een Nederlands/Turkse vrouw is in Turkije gescheiden. Haar meisjesnaam blijkt niet uit vonnis. Kan het gewijzigd worden in de BRP?
Volgens Turks recht krijgt zij van rechtswege haar meisjesnaam terug, tenzij de rechter bepaalt dat zij haar huwelijksnaam behoudt. Omdat dit een wijziging is in haar persoonlijke staat erkennen wij dit (art 24 Boek 10 BW). Om het in de BRP te verwerken kan een Turks document gevraagd worden, bijvoorbeeld een paspoort.

10. Nederlandse vrouw, 17 jaar, is zwanger van haar Nederlandse, 17- jarige, vriend. Mag hij erkennen? Hoe zit het met het gezag? Heeft een meerderjarigheidsverklaring zin?
Ja, hij mag erkennen, mits hij 16 jaar of ouder is (art. 204, lid 1 onder b).
Beiden hebben niet van rechtswege het gezag. De abs moet, zodra het kind geboren is, een kennisgeving ex art. 301 BW sturen aan de rechtbank. Als de vrouw meerderjarig is verklaard krijgt zij van rechtswege het gezag, tenzij het gezag al aan een ander is toegewezen.

11. Normaal gesproken komt er in het vluchtelingenpaspoort een "uitsluitings"clausule te staan. Wat als betrokkene nu van onbekende nationaliteit is ( zoals de meeste vluchtelingen )? Komt er dan geen clausule in te staan zodat betrokkene naar alle landen mag reizen, dus ook het land waaruit hij gevlucht is?
Als de nationaliteit onbekend in de BRP is mag je ook de vermoedelijke nationaliteit vermelden. Is betrokkene bijvoorbeeld vluchteling uit Irak, dan zou je Irak in de clausule mogen vermelden. Wellicht blijkt uit het verblijfsdocument wel een nationaliteit. Het advies is om daar de clausule op te baseren. Als je helemaal geen vermoedelijke nationaliteit kunt vaststellen, dan geen clausule in het paspoort.
(E.e.a blijkt uit de "Toelichting paspoortuitvoeringregelingen", Hfdst IX.)

12. Wanneer heb je voor registratie van een buitenlands huwelijk geen M46 nodig?
Let op! Per 1 september 2015 is de M46 vervallen en vervangen door een eigen verklaring.

Met ingang van 1 september 2015 is de M46 vervallen, maar daarmee vervalt niet de Wet voorkoming schijnhuwelijken. Vanaf 1 september 2015 zijn er verschillende formulieren voor het aangaan van een huwelijk/geregistreerd partnerschap en voor het laten registreren van een buitenlands huwelijk/geregistreerd partnerschap. Iedere aanstaande echtgenoot die niet de Nederlandse nationaliteit bezit of een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd (regulier of asiel) of als EU-onderdaan (dit is verblijf op grond van artikel 8, onder b, d of e Vreemdelingenwet 2000) zal een verklaring moeten overleggen dat huwelijk/geregistreerd partnerschap niet wordt aangegaan om een verblijfsrecht in Nederland te verkrijgen. Deze verklaring is opgenomen in de modellen voorgenomen huwelijk of partnerschap. Het heen en weer sturen van het M46 formulier naar de IND, vreemdelingenpolitie en terug, vervalt. Voor de verklaring moeten wel veel gegevens worden ingevuld in het formulier. De vragen zijn gelijk aan het oude M46, deel A.

13. Nederlands-Israelisch kind is geboren in Nederland. Bij de eerste inschrijving wordt een Israëlisch paspoort met nieuwe naam overgelegd. Met welke naam wordt het kind geregistreerd?
De geslachtsnaam en de voornamen van een persoon die de Nederlandse nationaliteit bezit, wordt ongeacht de vraag of hij nog een andere nationaliteit heeft, bepaald door het Nederlandse recht (Artikel 10:20 BW).

14. Een Portugese, ongehuwde moeder krijgt hier een kind en is, zoland niet geregistreerd bij het Portugees Consulaat, staatloos. De Nederlands/Portugese gehuwde man erkent het kind bij het Portugees Consulaat. Wat gebeurt er met de wijziging van de naam, nationaliteit en afstamming?
Naam en nationaliteit worden geaccepteerd. Afstamming niet als de erkenning heeft plaatsgevonden vóór 1 april 2014 (o.g.v. art 95, 2e lid Boek 10 BW).

15. Een huwelijk is in 1998 in Duitsland gesloten. Het is in 1998 geregistreerd inde BRP. Nederlandse vrouw komt nu met document om met huwelijksnaam geregistreerd te worden. Kan dat alsnog?
In 1998 stond de wetgeving nog niet toe dat de naam van een Nederlandse vrouw naar buitenlands recht werd bepaald. De huwelijksnaam is destijds terecht niet geregistreerd. Sinds 15 februari 1999 is registratie wel mogelijk, op grond van wat nu artikel 10:24 BW is.
Artikel 10:26 BW staat toe dat de naam van een Nederlander op verzoek kan worden geregistreerd volgens de regels van IPR naamrecht die op dit moment gelden. Dat betekent dat zij nu alsnog kan verzoeken om de naam die zij in 1998 door haar huwelijk heeft gekregen als haar geslachtsnaam in haar geboorteakte te vermelden.
Wijs de vrouw er wel op dat deze naamswijziging definitief is. Mocht zij ooit scheiden dan krijgt zij daardoor haar geboortenaam niet terug maar moet zij om geslachtsnaamswijziging bij KB verzoeken.

16. Wat is het verschil tussen “Onbekende nationaliteit” en “staatloos”?
Onbekend: betrokkene heeft een vermoedelijke nationaliteit maar geen documenten om dat aan te tonen en ook via nationaliteitswetgeving is de nationaliteit niet vast te stellen.
Staatloos: betrokkene heeft géén nationaliteit. Hij kan dat met documenten aantonen of op grond van nationaliteitswetgeving staat vast dat hij geen nationaliteit heeft kunnen ontleden. Sinds de invoering van de Wet BRP kan een nationaliteit bij de eerste inschrijving ook ontleend worden aan een mededeling van het Ministerie van Veiligheid en Justitie (artikel 2.17 Wet BRP)

17. Op een Belgische huwelijksakte staat vermeld als kantmelding dat op 12 januari 2014 is overgeschreven het beschikkend gedeelte van een vonnis in kracht van gewijsde gegaan op 23 december 2013 de echtscheiding van betrokkenen. De vraag is per welke datum is dit huwelijk officieel ontbonden?
In België wordt als datum van ontbinding aangehouden de datum waarop de uitspraak van de echtscheiding in kracht van gewijsde is gegaan. Terwijl de echtscheiding eerst derden-werking verkrijgt als deze is ingeschreven in de registers van de Burgerlijke Stand.
Afgesproken is dat we van een in België uitgesproken echtscheiding altijd een bewijs van inschrijving in de registers zullen vragen en dat als datum van ontbinding zal worden aangehouden de datum waarop de echtscheidingsuitspraak kracht van gewijsde heeft verkregen. (Zowel voor de BRP als latere vermelding van echtscheiding op de huwelijksakte).

18. Welke printers zijn goedgekeurd voor het printen van akten van de burgerlijke stand?
U vindt een lijst van goedgekeurde akteprinters op website van het COT, www.cot-nl.com.

19. Zijn er landen, naast Nederland die een vorm van 'geregistreerd partnerschap' kennen?
Ja er zijn een groot aantal landen die een vorm van 'geregistreerd partnerschap' in hun wetgeving hebben opgenomen. Een overzicht vindt u op deze site onder https://www.nvvb.nl/publiciteit/nieuws/erkenning-van-geregistreerde-part...

20. Kan een in het buitenland geboren kind ook Nederlander zijn op grond van artikel 3, lid 3, van de Rijkswet op het Nederlanderschap (RWN)?
Ja, dat kan. Voor de toepassing van artikel 3, lid 3 RWN speelt de geboorteplaats van kind, ouder(s) en grootouder(s) geen enkele rol, maar is uitsluitend het hoofdverblijf van betrokkenen van belang.
Voorbeeld
Man A en zijn echtgenote B, beiden geboren in Marokko en beiden van Marokkaanse nationaliteit, wonen in Nederland. De vrouw gaat uitsluitend i.v.m. de bevalling naar haar geboorteland, waar kind C geboren wordt. Enkele maanden na de bevalling keert de vrouw met het kind naar Nederland terug. Toen de man geboren werd, woonden zijn ouders in Marokko. Toen de vrouw geboren werd, woonde haar vader in Nederland en haar moeder in Marokko.
Het kind kan geen Nederlander artikel 3, lid 3 zijn via de vaderlijke lijn; immers t.t.v. de geboorte van vader hadden zijn ouders hoofdverblijf in Marokko.
Het kind is wel Nederlander artikel 3, lid 3 via de moederlijke lijn. Aangenomen moet worden dat moeder haar hoofdverblijf in Nederland behouden heeft. Zij is immers uitsluitend i.v.m. de bevalling naar Marokko gegaan en betrekkelijk kort daarna naar Nederland teruggekeerd. Nu beide ouders t.t.v. de geboorte van het kind hoofdverblijf in Nederland hadden, kan ook ten aanzien van het kind gesteld worden dat die t.t.v. zijn eigen geboorte hoofdverblijf in Nederland had. Aan de eerste twee vereisten van artikel 3, lid 3 wordt daarmee voldaan. Tenslotte had de grootvader van moederszijde hoofdverblijf in Nederland toen moeder geboren werd. En daarmee is, ondanks dat geen van de betrokkenen in Nederland geboren is, de moederlijke lijn doorlopen en voldaan aan alle vereisten van artikel 3, lid 3.
Benadrukt wordt hierbij dat van de grootouders pas sinds 1 april 2003 de grootvader een rol speelt bij de bepaling of een kind Nederlander is o.g.v. artikel 3, lid 3; tevoren was dat alleen de grootmoeder.
Zie verder schema + beslisboom art 3.3.
Let wel goed op of het kind t.t.v. zijn geboorte hoofdverblijf in Nederland had. In gevallen als hierboven geschetst wordt, behoudens contra-indicaties, aangenomen dat de moeder vanaf een moment, gelegen vóór de geboorte van het kind tot aan de datum waarop het kind zich in Nederland vestigt en in de BRP wordt ingeschreven, onafgebroken in het buitenland verbleven heeft. We kunnen dan de volgende situaties onderscheiden (we hebben het nog steeds over gevallen als hierboven geschetst).

  • Is het kind 6 maanden of jonger t.t.v. zijn vestiging/inschrijving in Nederland, dan wordt - behoudens contra-indicaties - aangenomen dat de moeder haar hoofdverblijf in Nederland behouden heeft. Het kind had dan t.t.v. zijn geboorte ook hoofdverblijf in Nederland. Wordt tevens aan de overige voorwaarden van art. 3.3 RWN voldaan, dan is het kind Nederlander.

  • Is het kind ouder dan 6 maanden t.t.v. zijn vestiging in Nederland, dan wordt -behoudens contra-indicaties - aangenomen dat de moeder haar hoofdverblijf naar het buitenland verplaatst heeft. Het kind had dan t.t.v. zijn geboorte ook geen hoofdverblijf in Nederland en kan dan ook geen Nederlander zijn o.g.v. art. 3.3 RWN. Als de ouders spontaan voor het kind toch een beroep doen op bezit van het Nederlanderschap, dient e.e.a. nader onderzocht te worden.

21. Aanvulling geboortedatum o.g.v. Marokkaanse Copie Integrale toegestaan?(00-00-1959 wordt 01-02-1959)
Ja, het betreft alleen een aanvulling. Het brondocument voor de correctie moet sterker zijn dan het eerder getoonde brondocument. Ingangsdatum geldigheid is: de nieuwe geboortedatum.

22. Mag een man gehuwd met een man, een kind erkennen?
Ja, dat kan. Vóór 1 april 2014 was volgens de RB Utrecht ook deze erkenning nietig als deze zonder voorafgaande toestemming van de rechtbank was gedaan. In de wet stond  ‘een man gehuwd met een andere vrouw’, maar het artikel 204, 1e lid onder f Boek I BW bleek ten onrechte niet aangepast te zijn bij de Wet openstelling huwelijk (1-1-2001).

23. Wat te doen bij aanvraag gegevens uit de BRP door een gerechtsdeurwaarder?
Het is bekend dat er bij gemeenten soms een twijfel bestaat bij de opgegeven reden voor aanvraag van gegevens door een gerechtsdeurwaarder. Naast het uitvoeren van wettelijke taken op het kantoor van de gerechtsdeurwaarder worden vaak ook niet-ambtelijke taken zoals commerciële incassopraktijken uitgeoefend.
In Burgerzaken en Recht 2002/3 (blz. 94 e.v.) heeft Douwe Struiksma, als voorzitter van de Stichting Netwerk Gerechtsdeurwaarders (SNG) uitleg gegeven over het recht op verstrekking aan gerechtsdeurwaarder uit de BRP en de wijze waarop rechtmatig gebruik van die gegevens wordt gecontroleerd. Terecht merkt Struiksma op, dat de simpele (schriftelijke) verklaring  van een deurwaarder dat hij de gegevens nodig heeft voor zijn wettelijke taak, voldoende garantie moet geven dat die gegevens niet voor andere doeleinden worden gebruikt. Hierbij wordt opgemerkt dat de taken van de gerechtsdeurwaarder sedert 15 juli 2001 staan beschreven in artikel 2 van de Gerechtsdeurwaarderwet. Een verwijzing naar het aloude artikel 14 van het Deurwaardersreglement is nu dus niet meer terecht.

 24. Een vreemdeling wil als staatloos in de BRP geregistreerd worden. Hij staat nu met de nationaliteit onbekend geregistreerd. Hoe kan ik dit bepalen?

Om te bepalen of een vreemdeling staatloos is moet je beoordelen of  hij een nationaliteit kan hebben verkregen. Daarvoor kan je de volgende vragen doorlopen:

  1. Wat is de nationaliteit van de moeder en de vader?
  2. In welk land is de persoon geboren?
  3. Bekijk die verschillende nationaliteitswetten en bepaal of de persoon een nationaliteit kan ontlenen aan de nationaliteit van de ouders of het geboorteland.
  4. Is op de vragen 1 of 2 geen antwoord te geven (doordat documenten/bewijsstukken ontbreken), dan kun je (nog) niet tot de conclusie staatloos komen. De nationaliteit is vooralsnog onbekend.
  5. Kijk in de landeninformatie HBA van het geboorteland of er andere aanwijzingen kunnen zijn voor staatloosheid. Voor Palestijnen uit Syrië: zie B&R 2017, pagina 24/25
  6. Als de persoon staatloos is/kan zijn: Kan de persoon later nog een (andere) nationaliteit hebben verkregen? Bijvoorbeeld door naturalisatie in een ander land.

Onderzoek of de persoon na zijn geboorte nog langdurig in andere landen heeft verbleven. Een andere naam kan bijvoorbeeld een aanwijzing zijn dat de persoon is genaturaliseerd.

Let op! Een verklaring van een buitenlandse autoriteit dat een persoon niet de nationaliteit heeft, is meestal niet voldoende. Het sluit namelijk niet uit dat een persoon geen andere nationaliteit heeft.

Als na het doorlopen van bovenstaande vragen de conclusie is dat de nationaliteit onbekend is, kan eventueel een Mededeling 2.17 worden opgevraagd bij de IND (zie HBA: mededeling 2.17 oude situatie).

De IND hanteert soms  andere criteria (meer algemeen) voor het bepalen van staatloosheid, dan die gemeenten moeten volgen voor registratie in de BRP. Voor registratie in de BRP geldt artikel 2.15 Wet BRP en een individuele beoordeling. Een nationaliteit die gebaseerd is op een mededeling 2.17 moet echter gezien worden als vermoedelijke nationaliteit en geldt niet als vastgesteld nationaliteit.