Invullen C1-formulier bij standaardaanvragen vreemdelingenpaspoort

Identiteitsmanagement

Een vreemdeling komt onder andere in aanmerking voor een vreemdelingenpaspoort als hij een geldige verblijfsvergunning heeft en kan aantonen dat hij geen paspoort van zijn eigen autoriteiten kan krijgen.

Bij de aanvraag wordt aan de burger gevraagd of hij in het bezit is van een (geldig) paspoort van een ander land. Is dat zo, dan komt hij niet in aanmerking voor een vreemdelingenpaspoort.

Standaardaanvragen

Bij een 'standaardaanvraag' hoeft de burger niet aan te tonen dat hij geen paspoort van zijn eigen autoriteiten kan krijgen. Bij de aanvraag van een vreemdelingenpaspoort is er in drie gevallen sprake van een standaardaanvraag:

  1. een vervolgaanvraag voor een vreemdelingenpaspoort
  2. een aanvraag waarvan de aanvrager uit een uitzonderingsland komt (Liberia, Guinee, Sierra Leone of Somalië)
  3. een aanvraag die valt binnen het 5 jaren-beleid, waarbij tevens sprake is van  vrijstelling van het paspoortvereiste.

Bij iedere nieuwe aanvraag (ook bij standaardaanvragen) moet worden nagegaan of er sprake kan zijn van gewijzigde omstandigheden. Heeft een burger die met een onbekende nationaliteit staat geregistreerd bijvoorbeeld toch de nationaliteit van een ander land gekregen? Dan zal hij moeten aantonen dat hij van dat land geen paspoort kan krijgen.

Invullen C1-formulier bij standaardaanvragen

Bij de aanvraag van een vreemdelingenpaspoort vult de gemeente onderdeel 1 van het C1-formulier in. Op het formulier moet onder 4 (Redenen aanspraak) een reden worden aangekruist. Voor gemeenten is niet altijd duidelijk wat er bij een standaardaanvraag moet worden aangekruist. Bij een standaardaanvraag kruist de gemeente onder 4A aan: "andere stukken van overheidsinstanties ten bewijze van het feit dat de aanvrager geen paspoort van zijn autoriteiten kan verkrijgen".