Onderzoek naar de werking van de Wet tegengaan huwelijksdwang in de praktijk

Persoonsinformatiemanagement

Op 5 december 2015 trad de Wet tegengaan huwelijksdwang in werking. Deze wet beoogt gedwongen huwelijken, kinderhuwelijken en polygame huwelijken verder te beteugelen. Dat doet zij door de sluiting van deze huwelijken in Nederland onmogelijk te maken, voor zover deze huwelijken in het buitenland zijn gesloten, hieraan erkenning en registratie te onthouden, en door privé-personen (zoals familieleden) en het openbaar ministerie bevoegdheden te geven om tegen deze huwelijken op te treden. De Wet tegengaan huwelijksdwang heeft voor trouwen in Nederland geleid tot een wijziging van de huwelijksbepalingen in Boek 1 BW en een wijziging van conflictregel en erkenningsregels voor buitenlandse huwelijken in Boek 10 BW. De minister heeft toegezegd de werking van de Wet te evalueren en de Tweede Kamer hierover te informeren binnen vier jaar na haar inwerkingtreding. Om deze toezegging gestand te doen, heeft het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het Ministerie van Justitie en Veiligheid aan de Universiteit Maastricht (Faculteit Rechtsgeleerdheid) en het Verwey-Jonker Instituut de opdracht gegeven onderzoek te doen naar de werking van de Wet tegengaan huwelijk in de praktijk. Het primaire doel van het onderzoek is om na te gaan of en hoe de Wet in de praktijk werkt, voor degenen die de wet moeten toepassen (de zgn. uitvoerders van de wet) en voor degenen die van de wet gebruik kunnen maken (de zgn. gebruikers van de wet).

Er worden digitale enquêtes uitgezet onder beroepsgroepen en professionals, en er zullen interviews worden gehouden met professionals en sleutelfiguren. De enquêtes beogen zoveel mogelijk kwantitatieve gegevens in kaart te brengen, door te vragen naar aantallen rechtsmomenten waarop gedwongen-, kinder- en polygame huwelijken hebben gespeeld, kenmerken van deze huwelijkssituaties en mogelijke knelpunten waarmee professionals te maken hebben. Om een representatief beeld te krijgen, moet de enquête zowel door professionals die niet met de wet in aanraking zijn geweest alsook door professionals die wel met de wet in aanraking zijn geweest, worden ingevuld. De ambtenaren burgerzaken zijn de belangrijkste uitvoerders van de Wet en vormen voor betrokkenen het primaire loket. Hun deelname aan de enquête is daarom van wezenlijk belang. Het invullen van de enquête zal naar verwachting maximaal 15 minuten in beslag nemen. De onderzoeksbevindingen worden verwerkt in een rapport dat zal worden aan de Tweede Kamer. Met het invullen van de enquête draagt u dus ook bij aan de ontwikkeling van zinvol beleid.

Vul hier de enquête in